Potentilla spp Sturm34


Algemeen

De Kruipganzerik is samen met Tormentil (Potentilla erecta) de enige van de familie Potentilla (Ganzerikfamilei) die maar 4 kroonblaadjes hebben. Kruipganzerik soms 5. Het enige grote verschil is dat de Kruipganzerik behaarde wortelende stengels heeft. Er zijn trouwens wel 13 soorten Ganzeriken te vinden in Nederland. Tormentil bloeit in Juni, Juli en Augustus.

Er groeien in Nederland dus 13 soorten Ganzerik (Potentilla):

  • Kruipganzerik (Potentilla anglica) - Algemeen
  • Zilverschoon (Potentilla anserina) - Algemeen
  • Viltganzerik (Potentilla argentea) - Algemeen
  • Tormentil (Potentilla erecta) - Algemeen
  • Schijnaardbei (Potentilla indica) - Algemeen
  • Middelste ganzerik (Potentilla intermedia) - Vrijzeldzaam
  • Noorse ganzerik (Potentilla norvegica) - Vrij zeldzaam
  • Wateraardbei (Comarum palustre /Potentilla palustris) - Algemeen
  • Rechte ganzerik (Potentilla recta) - Vrij zeldzaam
  • Vijfvingerkruid (Potentilla reptans) - Algemeen
  • Aardbeiganzerik (Potentilla sterilis) - Zeldzaam
  • Liggende ganzerik (Potentilla supina) - Vrij zeldzaam
  • Voorjaarsganzerik (Potentilla verna)  - Zeldzaam 

Verklaring Nederlandse naam

De plant doet zijn naam eer aan. Het is een echte kruiper. Kruipganzerik heeft behaarde, liggende stengels, die op de knopen wortels vormen.

Het woord Ganzerik is afgeleid van het Hoogduitse Gänserich, Het betekend mannetjes gans/eend. De plant diende waarschijnlijk als vogelvoer n.a.v. de vorm van de kroonblaadjes. Deze lijken op de poten van een gans/eend. Of dit voer succesvol was is mij onbekend.

Namen in andere talen

  • English: Trailing Tormentil
  • Français: Renouée d'Angleterre
  • Deutsch: Englisches Fingerkraut
  • Espanõl: ?
  • Italiano: Potentilla anglica
  • Svenska: Revig blodrot
  • Norsk: Krypteppero
  • Dansk: Liggende Potentil

Verklaring Buitenlandse namen

De Engelse naam is

De Franse naam is

De Duitse naam is

De Spaanse naam is

De Italiaanse naam is

De Zweedse naam is

De Noorse naam is

De Deense naam is

Ecologie & Verspreiding

Ecologie

Bodem
Zonnige tot half beschaduwde plaatsen op vrij natte tot vrij droge, matig voedselarme tot matig voedselrijke, zwak zure, grazige, vaak verstoorde grond (zand, leem, veen en klei).

Groeiplaats
Waterkanten (langs sloten), grasland (heischraal grasland), bermen, hellingen, bossen (langs boswegen), bosranden, heggen, struwelen, akkers (akkerranden), dijken (onbemeste zandige plekken), tuunwallen, landscheidingskaden, zeeduinen (humeuze duinvalleien) en moerassen (veenmosrietland, o.a. op oude legakkers).

Verspreiding

Nederland
Plaatselijk vrij algemeen op de Waddeneilanden, in laagveengebieden, Drenthe, Zuidoost- Fryslân, Gelderland, Noord-Brabant en Zeeuws Vlaanderen. Elders zeldzaam. Niet in Zuid-Limburg.

Vlaanderen
Plaatselijk vrij algemeen in de Zand- en Zandleemstreek en in het noorden van de Kempen. Zeldzaam in de duinen. Elders zeer zeldzaam.

Wallonië
Zeldzaam tot zeer zeldzaam.

Wereld
West- en Midden-Europa, van Ierland tot in Polen, noordelijk tot in Denemarken en zuidelijk tot in Noord-Frankrijk, Midden-Duitsland en Slowakije. Daarbuiten zijn enkele verspreide vindplaatsen bekend in Europa (o.a. in Macedonië). Ingeburgerd in Nieuw-Zeeland en Noord-Amerika.

Meer

Zie ook de wetenschappelijke verklaring

Verspreiding

Verspreiding Kruipganzerik

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten