Alliaria petiolata

Algemeen

De Alliaria petiolata hoort bij de Brassicaceae (Kruisbloemen) familie en het is de enige Allaria-soort die in het wild voor komt in Nederland. Look-`onder-look bloeit in April, Mei en Juni.

Op de website van Flora van Nederland is een Videodeterminatie van deze plant te zien.

Verklaring wetenschappelijke naam

De officiële wetenschappelijke naam is Alliaria petiolata (M. Bieb.) Cavara & Grande

Alliaria betekent "behorende tot de knoflook (familie)" wat, zoals de Nederlandse naam al uitlegt, niet klopt.

De betekenis van het woord Petiolata is mij nog onbekend

Meestal staat er achteraan de wetenschappelijke naam een afkorting. Dit is de afkorting van een wetenschapper/botanicus die deze plant deze plant heeft ontdekt/verzameld en tot details heeft beschreven. Soms staat er een tweede afkorting. Dan heeft een andere wetenschapper/botanist de plant nog beter  beschreven en iets gewijzigd. De eerste naam komt dan tussen haakjes te staan. In dit geval is dit (M. Bieb.) Cavara & Grande

M. Bieb. staat voor Baron Friedrich August Marschall von Bieberstein (30 juli 1768 - 28 juni 1826. Hij) was een vroege ontdekkingsreiziger van de flora en archeologie van het zuidelijke deel van het keizerlijke Rusland , met inbegrip van de Kaukasus en Novorossiya . Hij stelde de eerste uitgebreide floracatalogus van de Krim-Kaukasische regio samen.

Cavara staat voor Fridiano Cavara (17 november 1857 - 25 juni 1929 ) was een Italiaanse botanicus .

Grande staat voor Loreto Grande (20 april 1878 - 5 juli 1965 ) was een Italiaanse botanicus en natuuronderzoeker .

Namen in andere talen

  • English: Garlic Mustard
  • Français: Alliaire, Herbe aux aulx
  • Deutsch: Knoblauchsrauke
  • Espanõl: ?
  • Italiano: Alliaria
  • Svenska: Löktrav
  • Norsk: Løkurt
  • Dansk: Almindelig løgkarse

verklaring Buitenlandse namen

De Engelse naam is Garlic Mustard. Dit betekent "knoflook mosterd". Deze plant is familie van de Mosterd=Kruisbloemenfamilie (Cruciferae of Brassicaceae: beide namen zijn toegestaan) en als je het blad tussen je vingers fijnwrijft ruik je ui/knoflook. De wetenschappelijke naam voor Knoflook is Allium sativum en die van Ui is Allium cepa.

Voor de verspreiding van Alliaria petiolata in Engeland zie deze kaart.

Er zijn twee Franse namen:

  1. Alliaire: Dit is de Franse benaming voor het eerste deel van de wetenschappelijke naam.
  2. Herbe aux aulx. Dit betekent "kruid van de knofloken".

De Duitse naam is Knoblauchsrauke. Dit betekent "knoflookraket". Het woord knoflook wordt o.a. bij de Engelse naam uitgelegd. Het woord Raket is omdat dit ook een koolsoort is (zie Gewone raket (Sisymbrium officinale). De naam Raket (Rauke) zou afgeleid zijn van het Franse Roquette, een wilde Kool soort.

De Italiaanse naam is Alliaria. Dit is de Italiaanse benaming van het eerste deel van de wetenschappelijke naam.

De Spaanse naam is mij onbekend. Het aantal varianten is zo groot dat ik de meest gebruikte naam niet ken.

In Spanje kent men minstens vier namen voor elke plant. De algemene volksnaam, de Catalaanse naam (Provincie in Noord+Oost Spanje tegen de Pyreneeën aan), de Gallische naam (provincie in Noord-West-Spanje) en de Baskische naam (provincie in West-Spanje tegen de Pyreneeën aan). Ik heb de meest voorkomende algemene naam gebruikt.

De Italiaanse naam is Alliaria. Dit is de Italiaanse benaming van het eerste deel van de wetenschappelijke naam.

Er is niet één specifieke Italiaanse naam voor een plant, dit verschilt per regio. Er is een algemene volksnaam en ook nog een variatie of een volledige andere naam in een van de 17 provincies. Ik heb de meest voorkomende algemene naam gebruikt.

De Zweedse naam is Löktrav Lök betekent "ui/bol" en Trav betekent "draf". Waarom is mij onbekend.

Voor de verspreiding van Alliaria petiolata in Zweden zie deze kaart.

De Noorse naam is Løkurt. Løk betekent "ui". Ört/eurt/urt is de Scandinavische term voor "kruid", dus uikruid.

De Deense naam is Almindelig løgkarse. Dit betekent "algemene ui raket", dus hetzelfde als de Duitse naam.

Ecologie & Verspreiding

Ecologie

Bodem
Licht beschaduwde plaatsen op vochtige, voedselrijke, met name stikstofrijke, vaak kalkhoudende, losse, meestal zandige grond (zand, leem, zavel).

Groeiplaats
Heggen, bosranden, struwelen, hakhoutbosjes, houtwallen (voedselrijke zomen), bossen (loofbossen, parkbossen en langs boswegen), halfbeschaduwde bermen, ruderale plaatsen en waterkanten (bosbeekoevers).

Verspreiding

Nederland
Algemeen, maar vrij zeldzaam in het noordoosten en in Flevoland.

Vlaanderen
Algemeen, maar wat minder algemeen in de Kempen.

Wallonië
Plaatselijk algemeen, maar grotendeels ontbrekend op de zure bodems van de Ardennen.

Wereld
In het grootste deel van Europa, in Noordwest-Afrika en Zuidwest-Azië. Ingeburgerd in Noord-Amerika.

Meer

Zie ook de Nederlandse verklaring.

Verspreiding Alliaria petiolata

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten

Foto's