Lonicera periclymenum

Algemeen

Wat ik persoonlijk niet wist is dat Wilde kamperfoelie inheems is, hij komt hier van nature voor. Iedereen kent de plant natuurlijk als een echte tuinplant maar Wilde kamperfoelie is echt een andere soort. Sterker nog de Tuinkamperfoelie verwildert nauwelijks. Er staan maar een paar stippen op de kaart van de verspreidingsatlas. Nachtvlinders zoals bijv. de Kolibrievlinder kunnen de geur van kamperfoeliebloemen tot op een kwart mijl afstand ruiken. De trossen rode (licht giftige) bessen worden in de herfst gegeten door vogels zoals Lijsters , Goudvinken en andere zangersvogels . Kamperfoeli heeft geen gragende stengel. Dus maakt de plant gebruik van andere planten om zich omhoog te werken. Het is een zogenaamde rechtsdraaiende plant , dat wil zeggen van bovenaf gezien met de klok mee. Het is ook een diepgewortelde plant.

Het grote verschil tussen de Tuin- en Wilde kamperfoelie zit hem in het tweede gedeelte van de wetenschappelijke. Namelijk dat Periclymenum is afgeleid van het Griekse Periclumenum  dat "badend in alles", omdat bij sommige soorten Kamperfoelie de stengelbladeren aan elkaar zijn gelast, waardoor water zich kan ophopen in een kleine kom. Een beetje zoals bij de Grote kaardenbol (Dipsacus fullonum) maar niet bij alle stengelbladeren. Wilde kamperfoelie bloeit in Juli tot en met September.

Wilde kamperfoelie bloeit in Juli tot en met September.

Er komen minstens 6 Lonicera-soorten (Kamperfoelie) in het wild in Nederland voor :

  • Buxuskamperfoelie (Lonicera nitida) - Algemeen/ingeburgerd uit China sinds 2000
  • Rode kamperfoelie (Lonicera xylosteum) - Zeldzaam
  • Struikkamperfoelie (Lonicera pileata) - Vrij zeldzaam/aangeplant
  • Tartaarse kamperfoelie (Lonicera tatarica) - Zeldzaam/aangeplant
  • Tuinkamperfoelie (Lonicera caprifolium) - Zeldzaam/niet ingeburgerd/adventief/verwilderd
  • Wilde kamperfoelie (Lonicera periclymenum) - Algemeen

Verklaring Wetenschappelijke naam

De officiële wetenschappelijke naam is Lonicera periclymenum L.

De naam Lonicera is gegeven ter ere van Adam Lonitzer (1528-1586), een Duitse arts en botanicus , opmerkelijk vanwege zijn herziene versie uit 1557 van het herbarium van de beroemde Eucharius Rösslin (1470 – 1526).

 

Periclymenum is afgeleid van het Griekse Periclumenum  dat "badend in alles", omdat bij sommige soorten Kamperfoelie de stengelbladeren aan elkaar zijn gelast, waardoor water zich kan ophopen in een kleine kom.

Meestal staat er achteraan de wetenschappelijke naam een afkorting. Dit is de afkorting van een wetenschapper/botanicus die deze plant deze plant heeft ontdekt/verzameld en tot details heeft beschreven. Soms staat er een tweede afkorting. Dan heeft een andere wetenschapper/botanist de plant nog beter  beschreven en iets gewijzigd. De eerste naam komt dan tussen haakjes te staan. In dit geval is dit L. Dit staat voor Carl Linnaeus.

In 1753 beschreef hij Lonicera periclymenum in de publicatie Species Plantarum.

     

Meer

Zie ook de Nederlandse verklaring

Namen in andere talen

  • Frysk:  Papsûger
  • English: Honeysuckle
  • Français: Chèvrefeuille des bois
  • Deutsch: Deutsches Geißblatt
  • Espanõl:  Madreselva de los bosques
  • Italiano: Caprifoglio atlantico
  • Svenska: Vildkaprifol
  • Norsk: Vivendel Lonicera
  • Dansk: Almindelig Gedeblad

Verklaring Buitenlandse namen

De Engelse naam is Honeysuckle. Dit betekent "honingzuigende". Echt snappen doe ik deze naam niet. Elke plant bezit toch nectar zou je zeggen. Persoonlijk denk ik dat Wilde kamperfoelie voornamelijk word bezocht door vlinders met een lange 'tong' omdat door het ontwerp alleen deze vlinders de nectar kunnen bemachtigen. Sommige dagvlinders bezoeken de plant ook en overdag kunnen bepaalde hommels en houtboorders zich voeden met nectar door bloemkronen te perforeren (inbreken) die te lang zijn om er direct toegang toe te hebben.

Voor de verspreiding van Wilde kamperfoelie in Engeland zie deze kaart.

De Franse naam is Chèvrefeuille des bois. Dit betekent letterijk "geitenblad van het bos". Wat Kamperfoelie met geit te maken heeft is mij totaal onbekend. Het enige dat ik gelezen heb is dat geiten nog wel eens eten aan Kamperfoeliebladeren. De plant maakt onderdeel uit van de Caprifoliaceae (Kamperfoeliefamilie). Capri is Latijn en betekent "bok/geit" en Folia komt van Follum (Latijn) en betekent "blad". Van het bos geeft aan dat de plant goed tegen schaduw kan.

De Duitse naam is Deutsches Geißblatt. Dit betekent "Duits geitenblad. Waarom het woord Duits er voor staat is mij onbekend. Het woord Geit word bij de Franse naam uitgelegd.

Voor de verspreiding van Wilde kamperfoelie in Duitsland zie deze kaart.

De Spaanse naam is Madreselva de los bosques. Dit betekent "moeder van het bos van de bossen". Een beetje rare vertaling die enige uitleg nodig heeft. Een Kamperfoelie-soort heet in Spanje altijd Madreselva. De toevoeging 'van de bossen' geeft aan dat Wilde kamperfoelie goed tegen schaduw kan (zie ook de Franse naam).

In Spanje kent men minstens vier namen voor elke plant. De algemene volksnaam, de Catalaanse naam (Provincie in Noord+Oost Spanje tegen de Pyreneeën aan), de Gallische naam (provincie in Noord-West-Spanje) en de Baskische naam (provincie in West-Spanje tegen de Pyreneeën aan). Ik heb de meest voorkomende algemene naam gebruikt.

De Italiaanse naam is Caprifoglio atlantico. Caprifoglio is de Italiaanse benaming voor de familienaam (Caprifoliaceae) waar deze plant deel van uit maakt. Atlantico betekent natuurlijk "Atlantisch", het gebied waar de Wilde kamperfoelie o.a. voor komt. Gek genoeg suggereert de naam dit maar in de praktijk valt dit wel mee.

De Zweedse naam is Vildkaprifol. Dit betekent "wilde Caprifol". Dus niet de tuin-soort maar de wilde soort. En ter onderscheid van een andere Kamperfoelie-soorten die in Zweden voor komen. 

Voor de verspreiding van de Wilde kamperfoelie in Zweden zie deze kaart.

De Noorse naam is Vivendel Lonicera. Dit betekent "windende Lonicera". Ik dacht 'open deur' Maar het is ter onderscheid van een andere soort, de Lonicera ligustrina (Ligusterachtige kamperfoelie). Een struikachtige soort kamperfoelie die voorkomt in de centrale en oostelijke Himalaya van Bhutan , India , Nepal en in zuidelijk en centraal China en op sommige plekken in Noorwegen is waargenomen.

De Deense naam is Almindelig Gedeblad. Dit betekent "algemene geitenblad". Voor de uitleg zie de Franse naam. Ook in Denemarken komt de plant algemeen voor alhoewel de database wel was vervuild met de best wel lijkende Tuinkamperfoelie.

Ecologie & Verspreiding

Ecologie

Bodem
Zonnige tot beschaduwde plaatsen op droge tot vrij natte, matig voedselarme tot matig voedselrijke, zwak tot matig zure, meestal kalkarme, maar soms kalkhoudende, humeuze grond (zand, leem, veen en stenige plaatsen).

Groeiplaats
Bossen (open plekken in loofbossen), bosranden, struwelen, heggen, rotsen, klippen, moerassen, waterkanten (slootkanten) en zeeduinen.

Verspreiding

Nederland
Algemeen, maar zeldzaam in kleistreken.

Vlaanderen
Algemeen, maar zeldzaam in de Polders. Het meest in de Kempen.

Wallonië
Wallonië Algemeen.

Wereld
In West-Europa. Noordelijk tot West-Noorwegen, zuidelijk tot in Marokko en oostelijk tot in Polen, de Kaukasus en de Alpen. Zeer zeldzaam in Italië. Ingeburgerd in het oosten van Noord-Amerika.

Bron: Wilde-planten.nl / Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Verspreiding Wilde kamperfoelie

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten

Wilde kamperfoelie

Foto's