Algemeen

Als er één plant is die op Perzikkruid (Persicaria maculosa/Polygonum persicaria) lijkt dan is het deze wel. Het probleem is dat beide planten kenmerken hebben die nog al eens varieren (kleur, vlekken etc.) Gelukkig heeft Floron al wat voorwerk verricht en dit duidelijke tabelletje gemaakt. Kleine duizendknoop bloeit in Juli tot en met Oktober

Er komen minstens 8 soorten Duizendknoop (Persicaria) in het wild voor in Nederland:

Verklaring wetenschappelijke naam

De officiële wetenschappelijke naam is Persicaria minor (Huds.) Opiz

Persicaria komt van Persica. De bladeren van deze plant lijken op die van de perzikboom (Prunus persica).

Minor komt van Minus (Latijn) en betekent "klein" omdat er ook een Grote Maagdenpalm bestaat.

Meestal staat er achteraan de wetenschappelijke naam een afkorting. Dit is de afkorting van een wetenschapper/botanicus die deze plant deze plant heeft ontdekt/verzameld en tot details heeft beschreven. Soms staat er een tweede afkorting. Dan heeft een andere wetenschapper/botanist de plant nog beter  beschreven en iets gewijzigd. De eerste naam komt dan tussen haakjes te staan. In dit geval is dit (Huds.) Opiz

Huds. staat voor William Hudson (Kendal, 1730 - Londen?, 23 mei 1793) was een botanicus en apotheker. Zijn belangrijkste publicatie, Flora Anglica, werd in 1762 uitgebracht.

Opiz staat voor Philipp Maximilian Opiz , ook Filip , (5 juni 1787 - 20 mei 1858). Hij was een Oostenrijkse conceptionist en taxonoom van het Oostenrijkse bosbureau, die verdiensten heeft geleverd voor de studie van botanie in Bohemen.

Namen in andere talen

  • English: Small Water-pepper
  • Français: Petite Renouée
  • Deutsch: Kleiner Knöterich
  • Espanõl: -
  • Italiano: Persicaria minore
  • Svenska: Rosenpilört
  • Norsk: Småslirekne
  • Dansk: Liden Pileurt

Verklaring Buitenlandse namen

De Engelse naam is Small Water-pepper. Dit betekent "kleine waterpeper". Dit is niet zo gek want kleine duizendknoop lijkt best wel veel op Waterpeper, er zijn soms ook kruisingen. Er zijn wel verschillen, o.a. de niet scherp smakende stengelbladeren. Maar er zijn ook minder duidelijke kenmerken die alleen te vinden zijn in een betere flora. Want Kleine duizendknoop lijkt op sommige andere Duizenknoop-soorten 

De Franse naam is Petite Renouée. Petit betekent "klein". Renouée ibetekent "opnieuw geknoopt". Het Opnieuw geknoopte slaat op het feit dat deze plant onderdeel uitmaakt van de Duizendknoopfamilie (Polygonaceae).  De stengels van deze plantenfamilie hebben knoestige/verdikte delen. Waaruit dan weer nieuwe stengelbladeren groeien.

De Duitse naam is Kleiner Knöterich. Kleiner betekent natuurlijk "kleine". Knöterich betekent "knopig" en is de Duitse benaming voor Duizendknoopfamilie (Polygonaceae). Deze groep planten is te herkennen aan de verdikte stengel en/of wortel. Dus met wel "duizend" knopen.

De Spaanse naam is mij onbekend. Ik zie ook geen waarnemingen in Spanje.

De Italiaanse naam is Persicaria minore. Dit is de Italiaanse benaming voor de volledige wetenschappelijke naam.

De Zweedse en Deense naam is nagenoeg gelijk, Liden Pileurt/Rosenpilört pileurt Liden betekent "klein". Rosen betekent natuurlijk "rozen". Waarom is mij onbekend. Pileurt/pilört betekent "pijlkruid". Dat Pijl (het Deense Pil) moet je niet al te letterlijk nemen. Met pijl wordt hier waarschijnlijk het smalle stengelblad bedoeld. Ört/eurt/urt is de Scandinavische term voor "kruid". De Zweeds/Deense naam voor Pijlkruid (Sagittaria sagittifolia) Pijlkruid is Pilblad. Hier staat Pil wel voor een echt pijlvormig blad. De laatst genoemde plant is trouwens absoluut geen familie van Perzikkruid.

De Noorse naam is Småslirekne. Små betekent "klein".  Slirekne is een samengesteld woord dat "schede en knie" betekent. De Det Norske Akemis Ordbok (Hét Deense academische woordenboek) geeft heel deftig aan dat hiermee wordt bedoeld dat de plant een omhulsel van samengesmolten oorbladeren heeft aan de basis van de bladsteel. De "duizend" knopen dus.

Ecologie & Verspreiding

Ecologie

Bodem
Zonnige, soms licht beschaduwde, open plaatsen (pionier) op vochtige tot natte, matig voedselarme tot voedselrijke, stikstofrijke, vaak kalkarme, sterk humeuze, niet te zware grond (meestal venige grond). Vaak op plekken met een dalende waterspiegel in de lente en zomer, zodat er open plekken ontstaan waar de soort kan kiemen.

Groeiplaats
Akkers, bossen (drassige bospaden, waterkanten (droogvallende plaatsen, o.a. langs vijvers, greppels en op slootbagger langs regelmatig geschoonde sloten) en braakliggende grond.

Verspreiding

Nederland
Vrij zeldzaam in laagveengebieden, in het rivierengebied en in het oosten en midden van het land. Elders zeer zeldzaam.

Vlaanderen
Vrij algemeen in de Kempen. Elders zeldzamer.

Wallonië
Vrij zeldzaam.

Wereld
Gematigde streken in Europa en Azië. Ingeburgerd in Zuid-Amerika en Zuid-Afrika.

Meer

Zie ook de Nederlandse verklaring

Verspreiding

Verspreiding Kleine duizendknoop

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten